

Lightning McQueen (Owen Wilson) is een rode racewagen die binnen de racewereld een sensatie is geworden. Hij doet mee aan de Piston Cup, een belangrijke race waarin hij maar twee serieuze tegenstanders heeft: The King, een blauw scheurijzer dat tot nu toe ongeslagen is en 'Chick Hicks', een groene bolide die aast op de leiderspositie en niet te beroerd is om vals te spelen.
McQueen is overigens best een arrogant karretje: hij vindt dat hij geen coach nodig heeft en doet na de race zo lullig tegen zijn pitcrew (bestaande uit een aantal kleine vorkheftrucks) dat ze weglopen. Rijden, bedoel ik. Alleen de vrachtwagen Mack, die hem vervoert van de ene race naar de andere, blijft hem trouw.
De film opent met een race en daarin komen Lightning McQueen en zijn concurrenten op een gedeelde eerste plaats. Daarom wordt er een nieuwe wedstrijd uitgeschreven, speciaal voor hen. Die is een week later, aan de andere kant van het land. Na een voor McQueen vernederend feestje van zijn sponsor (een antiroestmiddel, voor auto's kennelijk net zoiets als aambeiencrème voor mensen) rijdt hij Mack's oplegger in en zo gaan ze op weg naar Los Angeles.
Onderweg gaat er helaas wat fout: Mack valt in slaap omdat McQueen hem buiten de wettelijke rij- en rusttijden laat werken en ondertussen zelf in de bak een dutje doet. Dat komt hem duur te staan, want midden in de nacht belandt hij opeens op de snelweg. En voor een racewagen is dat extra vervelend, want die hebben geen koplampen! McQueen raakt de weg kwijt en raakt zo verzeild in het slaperige stadje Radior Springs (je weet wel, in Carburetor* County). Omdat hij denkt dat de plaatselijke politie op hem schiet, veroorzaakt hij van schrik enorme schade aan weg. Hij kon ook niet weten dat de Sherrif, een oude Mercury Cruiser politiewagen, af en toe last heeft van 'backfire'. Hoe dan ook: de volgende ochtend wordt hij wakker met een wielklem en moet hij voorkomen in traffic court.
Rechter Doc Hudson (een klassieke Hudson Hornet met de stem van Paul Newman) ziet al meteen dat hij hier zo'n waardeloos stadswagentje voor zich heeft en wil McQueen eigenlijk vrijspreken zodat hij zo snel mogelijk weer opkrast. Aanklaagster Sally, een hippe sportwagen, wil daar echter niets van weten: zij eist dat McQueen eerst het asfalt repareert. Tenslotte komen er nu al vrijwel geen toeristen meer naar de stad, laat staan als er enorme kuilen in de weg zitten. Doc past zijn vonnis aan en nu mag McQueen pas weg als hij met behulp van een asfalteermachine de schade heeft hersteld. Dat zal een dag of vijf kosten, maar dat is tijd die hij helemaal niet heeft! Hij moet trainen!
Zodra de wielklem er af gaat, scheurt hij er dan ook vandoor. Maar dan heeft hij Doc en Sally onderschat: die hadden voor de zekerheid zijn tank leeg laten lopen…
Snap je nu wat ik bedoel als ik zeg dat het verhaal briljant gestructureerd
is? En echt, we zijn nog niet eens op een derde. Maar nog afgezien daarvan
barst het van de grappen, waarvan sommigen je pas de tweede of derde keer
op zullen vallen. Zo trekt Mack op de snelweg gekke bekken in de reflectie
van een glinsterende koelwagen, wordt het soort idioten dat graag naar films
als The Fast And The Furious kijkt heerlijk
in de maling genomen en zien we zelfs auto's die lijken op mensen. Ik zweer
het je, het is mogelijk om een auto op Jay Lenno of Schwarzenegger te laten
lijken!
De Amerikaanse stemmen worden uiteraard verzorgd door top-acteurs en zelfs de bijbehorende promotiewebsite is subliem verzorgd, die lijkt namelijk sprekend op een auto-showroom.
De 'bewoners' van Radiator Springs zijn ook een fraai stel, van de sleepwagen Mater (met de stem van Larry The Cable Guy, die er een zeer aandoenlijk karakter van weet te maken) tot een oud omaatje (een T-Ford), een Volkswagenbusje dat is blijven steken in de sixties en twee Italiaanse karretjes die enthousiast aan McQueen komen vragen of hij wel eens een Ferrari heeft ontmoet. En dan is er ook nog de verlegen brandweerwagen, Red. Ooit een brandweerwagen gezien en gedacht: 'Ach gossie…'? Nou, tijdens Cars gebeuren zulke dingen je voortdurend!
Het verhaal is veel meer dan een comedy met pratende wagentjes, maar gaat over dezelfde thema's als bij menselijke karakters. Zo leert McQueen iets over vriendschap, wordt hij verliefd en vindt hij eindelijk iemand die hij als coach genoeg respecteert en die hem dan weer wat kan leren. Zelfs Radiator Springs is meer dan een woordspeling: het blijkt een verhaal over de talloze stadjes in Amerika waar het levensbloed uit verdween toen ze niet meer aan de doorgaande route lagen maar er een snelweg kwam die het verkeer kilometers om de stad heen leidde. Dat zijn thema's die kinderen niets zeggen, maar de film voor volwassenen zeker zo leuk maken. Sterker nog, hier zit veel meer in dan in, pakweg, Ice Age of Madagascar, hoe leuk die ook waren.
De magie van de animatie zelf is weer een verhaal apart. Het realisme is ongekend en je mond zal openvallen van de creatieve manieren die verzonnen zijn om alle auto's tot leven te brengen. (Ze blijken alleen wel allemaal op pneumatische vering te staan, want anders hadden ze wel erg weinig expressiemogelijkheden.) Bumpers zijn monden, grilles worden snorren en de enige échte 'truuk' is dat de ruiten wit zijn en echte ogen bevatten, compleet met irissen. Die zitten dus niet in de koplampen, waar je ze zou verwachten.
Nee, die auto's zijn al na vijf seconden echte wezens geworden en vervolgens wordt daar dan weer heerlijk om gelachen. Zo gaan McQueen en zijn nieuwe vriend Mater 's nachts op pad, tractors omduwen in het weiland. Zoals Mater het zegt: "Tractor tippin's fuuuuun! I don't care who y'are, that's funny right there!" Let alleen wel goed op, want zoals koeien een stier hebben als beschermheer, zo hebben tractoren een dorsmachine!
De film heeft maar één zwak punt, maar helaas iets wat ik zwaar meetel: de soundtrack. Er is gebruik gemaakt van een aantal bekende liedjes over auto's en het leven op de weg, die in sommige gevallen zelfs opnieuw zijn ingezongen met aangepaste tekst. Dat zijn prima keuzes, maar een echte originele themesong ontbreekt. Sorry, maar voor mij is dat bij een film als deze een ernstige misser.
Ik heb het al eerder gezegd, bij andere Disney/Pixar films: wie dit niet kan waarderen, is dood van binnen. Trouwens, racefans mogen hem ook niet missen: Michael Schumacher en Mario Andretti hebben een gastrol en er zit een reconstructie van een wereldberoemde crash in. De hele racesport wordt trouwens goedaardig op de hak genomen, dat mis je dan toch niet?
Ik dacht eerst aan een negen, maar vanwege die soundtrack gaat dat feest niet door. Evenzogoed: niet te missen.
Score: 8,5/10
Martijn Warnas
(*) In het Engels is het carburetor, niet carburator.