

Het is eerlijk gezegd niet erg motiverend om over een film te schrijven als je nog met 300 andere 'critici' in de zaal zit en je alleen met legitimatie de bios binnenkomt. Maar goed, Lord Of The Rings (vanaf nu afgekort tot LOTR) is natuurlijk een verplicht nummer.
De wereld bestaat uit twee soorten mensen: zij die het boek The Lord Of The Rings hebben gelezen en zij die dat nog moeten doen. En laat het duidelijk zijn: de film is het best besteed aan de tweede categorie.
Omdat ik dit werk bij vlagen serieus opvat ben ik maanden geleden al aan het boek begonnen. Het zijn maar 800 pagina's, en dan heb ik de proloog (het boek The Hobbit) nog niet eens meegeteld. Eerlijkheidshalve heb ik een paar jaar eerder al een poging gedaan, maar toen ben ik op pagina 60 gestrand. Dat komt omdat de auteur, J.R.R. Tolkien, weliswaar een spannend en origineel verhaal schreef, maar na elke actiescène een pagina of dertig afdwaalde naar de mythologie van Midden-Aarde, die hij zelf had verzonnen. Dus als je het karakter Aragorn ontmoet, zit je meteen vast aan zijn levensverhaal, plus dat van zijn vader en zijn geboortestad en als het even tegenzit hoor je ook nog hoe zijn zwaard heet, wie het gesmeed heeft en wie er zoal mee is afgeslacht. Dat leest niet lekker en de kunst is op zulke momenten even strategisch te bladeren. In The Hobbit valt dat nog wel mee, maar in LOTR is het echt heel erg. Van mijn broer kreeg ik toen de tip om bij LOTR op pagina 200 te beginnen en dat hielp: vanaf dat moment komt het verhaal lekker op gang en je houdt nog genoeg leuks over. Oh ja, die vreselijke liedjes kun je ook altijd rustig overslaan.
Voor de niet-ingewijden klinkt het boek waarschijnlijk steeds onaantrekkelijker, maar ik kan je verzekeren dat het ook zijn goede kanten heeft. Dat het niet eerder verfilmd is (behalve jaren geleden als een tekenfilmserie) komt dan ook voornamelijk omdat het verhaal erg lang is en speciale effecten vereist waar Hollywood tot voor kort spontaan de hik van kreeg. Overigens kostte de hele boel bij elkaar nog steeds 300 miljoen dollar en dan werkten duizenden soldaten van het Nieuw-Zeelandse leger ook nog eens gratis mee. Het moet gek lopen als dat geen aardig filmpje oplevert.
Het boek is niet letterlijk verfilmd. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Harry Potter is het niet mogelijk om met het boek op schoot mee te bladeren. Dat zal de hardcore Tolkienfans niet bevallen, maar die hebben het toch te druk met het uitpluizen van de Elventaal om ze erg serieus te nemen.
Wel is de wereld van Midden-Aarde zeer gedetailleerd uitgewerkt. Dat levert prachtige, vaak spectaculaire beelden op. Soms is het jammer als het plaatje wat je in je hoofd bedacht niet overeenkomt met de film, maar over de beelden in deze film kan echt geen zinnig mens iets te zeuren vinden. Het is allemaal even knap gedaan, van de groene, zonovergoten Shire tot het donkere Mordor.
Tijd voor het verhaal.... Even diep ademhalen, want dit wordt een spoedcursus Tolkien.
Duizenden jaren geleden vond bij Mordor een grote veldslag plaats. Mensen, Elven en Dwergen vochten daar tegen het leger van de wrede Sauron. Die ontleent zijn macht aan De Ring (je dacht natuurlijk al, waar blijft die ring). Sauron heef het ding zelf gemaakt en daar al zijn macht in verwerkt. Er zijn nog een aantal andere ringen, maar die van Sauron is de machtigste.
Toch had Sauron misschien wat beter na moeten denken over datgene waar hij al zijn macht in bewaarde. Een magische toque of een paar gouden sokken waren misschien handiger geweest, want tijdens het gevecht hakt koningszoon Isildur Saurons hand af en dan is het meteen einde oefening. Sauron wordt verslagen, al blijft zijn geest in leven.
Ongeveer 2500 jaar later vindt Gollum, een bleke griezel, de ring op de bodem van een meertje. Hij neemt hem mee onder de bergen, waar hij 500 jaar lang alleen in een grot zit. Voor zover hij al niet eigenaardig was, wordt hij het daar wel. Hij praat veel in zichzelf en noemt de ring 'his precious'.
Dan komt Bilbo Baggins, hoofdpersoon uit het boek The Hobbit, langs (ik zal je dat verhaal besparen) en vanaf dat moment is de ring van hem. Bilbo ontdekt dat de ring magische krachten heeft: als je hem om je vinger doet, word je onzichtbaar. Dat komt mooi van pas bij de rest van zijn avonturen, maar zestig jaar later geeft Bilbo de ring aan zijn neefje Frodo (Elijah Wood) en die wordt de hoofdpersoon van Lord Of The Rings.
De goede tovenaar Gandalf de Grijze legt Frodo uit dat de ring gevaarlijk bezit is en aangezien Sauron weer bezig is met een nieuwe poging de wereld te veroveren wordt het tijd iets aan die enge ring te doen. Aangezien niemand hem lang kan dragen zonder zelf een engerd te worden, is het maar het beste om het ding te vernietigen. Dat kan echter alleen in het hart van Saurons rijk, in het vuur van de bergen waar de ring gesmeed is.
Dit alles wordt in de eerste tien minuten verteld en dan hebben we nog ruim 2,5 uur te gaan. Lekker he?
We gaan vrolijk verder: Sauron stuurt negen zwarte ruiters naar The Shire om Frodo op te sporen. Die neemt de benen, vergezeld van zijn tuinman Sam Gangee en zijn vrienden Pippin en Merry. Het zijn overigens allemaal Hobbits, zo groot als een mensenkind en met harige voeten.
Het viertal ontmoet Strider (Viggo Mortensen), een soort eh... boswachter, die hen uit handen van de zwarte ruiters houdt. Eigenlijk hadden ze een afspraak met de tovenaar Gandalf, maar die heeft ruzie gekregen met zijn collega Saruman (Christopher Lee), die inmiddels onder invloed van Sauron blijkt te staan. Strider doet zijn best, maar de zwarte ruiters slagen er toch in om Frodo te verwonden voor hij ze kan verjagen.
De Elf Arwen (Liv Tyler) brengt hem razendsnel naar Rivendell, een soort Elvenenclave. Daar herstelt Frodo van zijn verwondingen. Als blijkt dat de ring dringend vernietigd moet worden maar dat bijna niemand het ding op zak kan hebben zonder te veranderen in een maniak, meldt hij zich als vrijwilliger. Hij krijgt hulp van een aantal mensen, Elven, de dwerg Gimli en zijn Hobbit-vrienden. De negen vormen The Fellowship Of The Ring en krijgen nog heel wat avonturen te doorstaan.
Zoals gezegd wijkt de film op een aantal punten af van het boek, maar dit is nu eenmaal geen boekbespreking. De Nederlandse ondertiteling volgt trouwens netjes de Nederlandse boekvertaling. Frodo Baggins heet dan Frodo Balins, de streek The Shire heet De Gouw en Mirkwood wordt het Demsterwoud. Ik vond dat nogal irritant, want het is allemaal al vrij lastig te volgen met die gekke namen en de Nederlandse varianten maken het er niet duidelijker op.
Dit is het eerste deel van een trilogie: dit deel heeft officieel: Lord Of The Rings: The Fellowship Of The Ring. We zien 'slechts' het eerste deel van Frodo's reis. Op films 2 en 3 moeten we nog even wachten: kerstmis 2002 en 2003 zijn die te zien, hoewel de alle delen in een keer zijn gefilmd.
Als ik de mensen die het verhaal nog niet kennen een advies mag geven: overweeg om eerst het boek te lezen en dan pas de film. Dan kun je er des te meer van genieten. Je hebt nog tot eind 2003 de tijd en nu zie je toch alleen maar een verhaal wat best moeilijk te volgen is en ergens op een derde blijft steken. De film is namelijk geen afgerond verhaal en dat kan best frustrerend zijn na bijna 3 uur kijken, stel ik me zo voor.
Ken je het boek al of ben je niet zo'n lezerig type, scheur dan naar de bioscoop. Over LOTR valt genoeg te zeuren, maar er valt ook veel te genieten en te griezelen. Dus of je nu lang of kort lult: uiteindelijk moet je deze film gezien hebben.
Score: 9/10
Martijn Warnas