

Angst en beven is als ik het goed heb een mooie vertaling van deze titel. Het is ook daadwerkelijk een Franse film, maar hij speelt zich geheel en al af in een kantoor te Tokio. Er komt ook maar één Europeaan in voor, de Waalse Amelie. Zij is de hoofdpersoon.
Amelie werd in Japan geboren maar verhuisde op haar vijfde met haar ouders terug naar België. Als jonge vrouw ging ze Japans studeren en nadat ze haar diploma haalde wist ze, na eindeloos solliciteren, een baantje te bemachtigen bij een Japans bedrijf. En dus is ze voor het eerst weer terug in het land waar ze altijd naar gehunkerd heeft. Maar ja, hoe gaat dat met jeugdherinneringen… die zijn vaak ernstig gekleurd. Japan, en met name haar nieuwe baan, valt vies tegen.
Amelie, eigenlijk aangenomen als vertaalster, is de laagste in rang op haar kantoor. Haar directe chef is de mooie maar érg Japanse mejuffrouw Fubuki Mori. Daarboven zit de dunne, zenuwachtige afdelingschef Saito en zijn baas is de dikke, bijzonder onplezierige meneer Omochi. En alledrie haten ze Amelie. Dat is misschien niet helemaal onbegrijpelijk, want voor iemand die in het land gewoond heeft en de taal heeft geleerd, lijkt Amelie maar bitter weinig van Japan en de Japanners te begrijpen. Zo moet ze koffie rondbrengen bij een vergadering, waarbij ze iedereen uitbundig in het Japans toespreekt. Haar baas vindt dat bijzonder irritant, maar de bezoekers zijn er zelfs kwaad om dat ze in perfect Japans worden toegesproken door een gajin, notabene! Want als Japanners ergens een bloedhekel aan hebben, is het wel aan Europeanen die ergens net zo goed in zijn als zijzelf. En dat staat geloof ik op pagina 4 of 5 van elk Japans cultuurgidsje, maar Amelie had nergens van gehoord…
Mede daarom, maar ook omdat iedereen in Japan gewoon onder aan de ladder begint (en buitenlanders die mee willen doen al helemaal) krijgt ze de allersaaiste administratieve klusjes toebedeeld, waar ze vervolgens erg slecht in is omdat de meeste mensen die goed zijn in talen meestal niet uitblinken in rekenen. In elk geval niet zoals de gemiddelde Japanner kan rekenen: het is toch een volk wat er in slaagt zes jaar lang de Engelse grammatica te bestuderen op school, maar dat de taal vervolgens niet spreekt.
Zelfs stomme klusjes zijn op een dag af, dus gaat Amelie zelf dingen verzinnen. Zo wordt ze op eigen verzoek de officiële kalender-beheerder van de afdeling. Dat wil zeggen dat ze elke dag op alle werkplekken een velletje van de kalender af scheurt… Als op een dag de vriendelijke meneer Tenshi ontdekt dat er iemand in het bedrijf zit die wat van België weet én die zich werkelijk kapot verveelt, heeft hij een leuk klusje voor haar. Amelie stort zich er op en schrijft voor hem een keurig verslag over eh… iets, weet ik veel. Hoe dan ook, Tenshi is er blij mee en Amelie droomt van nieuw, nuttig werk. Maar dat is tegen het zere been van mejuffrouw Mori, die tot dat moment redelijk begripvol en aardig was tegen Amelie-San, maar die zich dan ontpopt als een verklikster die het niet kan verkroppen dat die stomme blanke trut zomaar sneller doorgroeit in het bedrijf dan zijzelf! Ze rapporteert Amelie's 'misstap' dan ook meteen bij haar baas en voor Amelie het weet krijgt ze op haar flikker omdat ze nuttig werk heeft gedaan! Ziedaar Japan in een notendop. Hoe dan ook, het gaat erg snel bergafwaarts met de carrière van Amelie én met haar geestelijke gezondheid.
Laat ik nu stomtoevallig vlak voordat ik deze film zag twee weken in Japan zijn geweest! Die hele vakantie kan ik dus meteen afschrijven van de belasting! Nee even serieus, pappie Warnas werkt momenteel in Japan. U dacht al, hoe komt die Warnas toch rond van een salaris als filmcriticus? Nou, zo dus. Maar in elk geval meen ik inmiddels voldoende van Japan te weten om in te kunnen schatten dat deze film niet eens zo héél erg overdreven is. Die Amelie was overigens ook al niet helemaal normaal, dat draagt zeker bij aan haar problemen.
Mijn vader redt zich overigens prima in Japan, mocht u benieuwd zijn. Het valt hem erg mee. Niks lange dagen: hij laat gewoon om vijf uur alles uit zijn handen flikkeren en begroet de secretaresse elke morgen (zo rond een uur of tien…) met een nieuw bizar zinnetje in het Japans. "Kan ik hier loodvrij tanken?" Daarnaast lukt het surfen en het telebankieren ook erg lekker vanuit Yokohama. Kijk, zo komen wij Warnassen de dag wel door.
Persoonlijk vond ik dit dus wel een aardige film, maar dat kwam toch voornamelijk omdat ik net uit Japan terug was. In elk geval hoort hij duidelijk in het arthouse-circuit. Er kan nergens een lachje af en iedereen is boos op elkaar. Ik kan me leukere dingen voorstellen voor 8 euro exclusief popcorn. Trek van mijn cijfer dus rustig een puntje af als Japan u niets kan schelen.
Score: 6,5/10
Martijn Warnas