

Dat komt zo: als kleine vent, zoon van een arm keuterboertje dat zich letterlijk een breuk werkt voor een rijke grondbezitter, wordt Taeke zonder zijn inspraak ingeschreven voor een wedstrijdje paalzitten. Zijn schoolmeester vindt namelijk dat hij daarbij het minst in de weg loopt. En zo ontdekt Taeke (als jonge knaap gespeeld door Sipke Visser) dat hij aanleg heeft om de beste paalzitter ter wereld te worden. Zitten zoals Taeke, dat kunnen er maar weinig! En denk nu niet dat het een kwestie van uren of zelfs maar dagen is: een week is peanuts, een maand doet hij fluitend en pas na een maand of twee (waarbij hij dus echt geen seconde van die paal komt, al laat de film discreet buiten beschouwing wat daarbij de sanitaire consequenties zijn) gaat Taeke eens verzitten. Er komt natuurlijk wel af en toe een roeiboot langs met wat te eten. Gek genoeg zie je dan nooit witte vierkante velletjes aan de roeispanen hangen, maar zo erg vond ik dat niet. Ik ben wel de laatste om Nederlandse cineasten aan te moedigen om dat realistisch in beeld te brengen.
Overigens is het, en daar heb ik nooit bij stilgestaan, een competitiesport. Er worden een stuk of tien palen in het water gezet, de deelnemers gaan zitten en wie dat het langst volhoudt, die wint. Tussen de laatste twee is het dus altijd extra spannend en dan begint ook vaak een psychologisch spel.
Met een staaltje onvervalste Friese logica bedenkt Taeke dat hij door een beroemd paalzitter te worden, vast wel eens door een krant geïnterviewd zal worden. En dat is mooi, want dan kan hij meteen eens klagen over de gemene grondbezitters die hun boeren zich kapot laten werken, zoals bij zijn vader gebeurde. Tsja, ik denk dat er makkelijkere manieren zijn (ik noem eens wat: een persberichtje of iets met een spandoek) maar dit zijn Friezen, vergeet dat niet.
Het zoontje van die rijke boer, Rintje, is Taeke's aartsrivaal. Rintje heeft alles wat zijn hartje begeert, en loopt dan ook altijd in een smetteloos wit pak rond, maar een ding hoort daar niet bij: Tjitske, het leukste meisje van het dorp. Zij valt namelijk op de eigenwijze Taeke, die verder bepaald niet moeders grootste trots is aangezien hij werkelijk niets anders doet dan paalzitten. Hij pakt op zijn minst een paar uur per dag als training, maar er zijn natuurlijk ook wedstrijden.
We volgen het leven van Taeke, Rintje en Tsjitske, die steeds ouder worden en dan ook door een jonge en een volwassen acteur danwel actrice gespeeld worden. Dat lijstje ga ik niet helemaal opnoemen, maar er is prima gecast, zowel op acteertechniek als op uiterlijk.
Er wordt trouwens Fries gesproken, dus deze film is zo goed als geheel van ondertiteling voorzien. Dat dialect (Fries is geen taal, laat je niks wijsmaken) is namelijk nogal lastig te volgen, niet eens zozeer omdat de woorden anders zijn maar meer omdat het nu eenmaal geen extravert volkje is en ze dus allemaal nogal mompelen. Geeft niks, na een kwartiertje krijg je er lol in en aan het eind van de film heb je die ondertiteling zelfs nauwelijks nodig.
De jonge Taeke (inmiddels gespeeld door Jochum Ten Haaf) maakt kennis met een journalist, die hoort over zijn ideeën met betrekking tot de arbeidsverhoudingen op het Friese platteland en hem daarom het boek 'Das Kapital' geeft. Aangezien Tjitske allang gezien heeft dat Taeke nooit de handen uit de mouwen zal gaan steken en dus toch maar met Rintje trouwt, gaat Taeke naar Leeuwarden en maakt daar kennis met de lokale communistische partij. Die hebben de partijkas leeggezopen zoals alleen rooien dat kunnen en Taeke raakt betrokken bij een bankoverval. Daarvoor moet hij de bak in maar zelfs daar kan hij het paalzitten niet laten. En dan bedoel ik niet het klassiek gevangenis-paalzitten, waar Mohammed B. tegenwoordig (met een beetje mazzel) zoveel ervaring mee heeft... Rintje is de mascotte van de gevangenen en die steunen hem dan ook bij zijn aanval op het wereldrecord: hij heeft toch tijd zat, nietwaar? En zitten is zitten, op een paal of niet. Maar toch blijft de strijd tussen hem en Rintje hem parten spelen.
De rode draad van het verhaal is de verhouding tussen Taeke, Tjitske en de eigenlijk nogal tragische figuur Rintje (die het toch ook niet kan helpen dat hij rijk geboren werd), maar dat klinkt kleffer dan het is. Om je de waarheid te zeggen vond ik zelden een liefdesverhaal mooier en spannender. En ik ben dus de filmcriticus die wel de Koning Der Kneukfilms wordt genoemd, ja!
De aftiteling is, erg optimistisch, geheel Engelstalig en ik denk inderdaad ook dat deze film buiten de grenzen wel op belangstelling mag rekenen. Overigens vermoed ik dat die internationale markt de verklaring is voor het feit dat op een van die palen een heuse neger zit. Een neger, anno 1950, op het Friese platteland, bij een paalzitwedstrijd... Maak dat de kat wijs!
Als Nederland product is het wel weer een relatief sober verhaal, maar wij maken nu eenmaal geen films zoals Mission Implausible of Jewel Of The Deltaworks. Geeft niks: Sportman Van De Eeuw is puur Nederlands en, vooruit dan maar, ook nog eens onvervalst Fries. Voorlopig is Sportman Van De Eeuw voor mij de Nederlandse Film Van Het Jaar.
Score: 8/10
Martijn Warnas