

Ik houd eigenlijk niet van Nederlandse films. Om de een of andere reden zit er altijd wel een scène in waarin iemand vies doet met eten. Of een genante sex-scène. Of iemand op de WC. Houd ik niet van. Amsterdamned was best goed en Ik Ben Joep Meloen mocht er ook best wezen, maar over het algemeen loop ik met een wijde boog om Nederlands fabrikaat heen. Ik zou nog geen kaartje voor Karakter hebben gekocht als ik er een date met Katja Schuurman bij had gekregen.
Voor een film Herman van Veen maak ik echter een uitzondering. De man is een genie. Hij praat meestal alsof hij stoned is, maar ondertussen verzint hij wel even Alfred Jodocus Kwak of het Land van Ooit. Ik mag dat wel, dus ging ik naar de persvoorstelling van Nachtvlinder. En weet je wat? Goeie film.
Nachtvlinder heeft als ondertitel 'een huiveringwekkend sprookje'. Tja,
als je tien bent misschien. Ik vond het wel meevallen. Toch neemt van
Veen ons naar een wrede wereld, die lijkt op de middeleeuwen in Nederland.
De hoogtijdagen van Slot Loevestijn, zeg maar.
Koning Olaf van Haland is allergisch voor zonlicht. Dat is een echt bestaande
ziekte en je wenst het je ergste vijand nog niet toe: de huid schilfert,
zonlicht doet pijn aan de ogen en de patiënt leeft min of meer als een
champignon. Zijn onderdanen maken daar grapjes over, maar geneesheer Abraham
Mogén (Jules Croiset) is een vriend van de koning en denkt na over een
geneesmiddel. Op een dag vindt hij op het strand een blauwe schelp die,
mits dun genoeg geslepen, misschien dienst kan doen als een soort zonnebril
voor de Koning. Mogén gaat dus op reis naar het kasteel en laat zijn vrouw
en drie dochters, waaronder Sarah (Babette van Veen) achter.
Helaas
komt hij de boeven Onorg (Hans Trentelman) en Wogram (van Veen) tegen,
die hem uithoren en vermoorden. Wogram bladert eens door de paperassen
van de geneesheer/alchemist en besluit doodleuk in diens plaats naar het
paleis te gaan. Daar aangekomen maakt hij, geholpen door de aantekeningen
van Abraham, de zonnebril met de blauwe lenzen voor de koning. Nou ja,
zonnebril: helm. En ja hoor, het helpt. De koning kan weer eens naar buiten.
Hieperdepiep staat op de stiep etc. Dat levert Wogram een mooie plaats
op aan het hof, als geneesheer en raadsman van de koning. Om zeker te
stellen dat niemand achter het bedrog komt, stuurt hij zijn handlanger
naar het huis van Abraham, om diens familie te vermoorden. "Maak van mij
een weduwnaar." Wat een mannetje, hé?
Van Veen speelt een uitstekende boef. In zijn meer cabareteske momenten
hebben we hem al zo kunnen zien (ruzie met een fictieve scheidsrechter),
maar hier blijft hij er kalm bij en dat is bijna nog enger.
Ramses
Shaffy speelt Walko, de oude vader van de koning die voor een carrière
als strandjutter heeft gekozen. En samen zijn ze de enige twee in de film
die de sprookjesachtige dialogen uit hun bek kunnen krijgen zonder dat
het fake klinkt. Croiset gaat er mee op zijn bek, Michiel Kerbosch (een
herbergier) heeft betere prestaties geleverd als Opperpiet en de rest
van de cast klinkt ook nogal onnatuurlijk. Dat ligt aan de dialogen die
hen in de mond worden gelegd, maar Shaffy kan het wél dus het moet te
doen zijn. Tja, het is natuurlijk sprookjestaal. Dat moet allemaal wat
plechtig. Het zij ze vergeven. Maar van Veen heeft nog een andere blinde
vlek: zijn dochter.
Dit was de eerste keer dat ik Babette van Veen zag spelen, maar ik was bepaald
niet onder de indruk. Ze moet een frisse, dappere, zelfstandige en slagvaardige
jonge vrouw spelen maar het blijft een beetje bij plichtmatig de juiste
gezichtsuitdrukkingen toepassen. Ik had van tevoren trouwens al een vermoeden
dat Herman zijn eigen dochter nog even naakt voor de lens zou duwen en ja
hoor, er zit een volstrekt nutteloos shot in van Babette die met heur blote
billen de zee in loopt. Herman vindt zijn dochter kennelijk zo mooi dat
iedereen het moet zien. Nou ja, daar ben je vader voor denk ik dan maar.
Overigens is het nog een hele toer om het verhaal te volgen. Ik was
blij dat ik van tevoren de persmap had doorgebladerd. Er is een verteller
die ons af en toe bijspijkert, maar soms moet de kijker wel erg grote
logische sprongen maken.
Zeker als je nagaat dat het budget slechts twee miljoen gulden was, slaagt
Nachtvlinder er heel goed in om de middeleeuwen tot leven te wekken. Toch
worden er af en toe wat truukjes uitgehaald: we zien bijvoorbeeld wel
een zeilschip bij goed weer op de (wadden)zee, maar als het schip vergaat
wordt dat niet getoond. Ook van Slot Loevestijn, het kasteel van de Koning,
zien we meer buiten- dan binnenkant. Filmen op een studioset is namelijk
veel goedkoper. Maar ach, wat kan het ook schelen. Er vallen links en
rechts doden in dit verhaal, er zijn boeven en helden en alle overlevenden
(het zijn er niet veel) leven nog lang en gelukkig. Misschien moet ik
nog even vertellen dat je door de zonnebrilhelm van de koning meer kunt
zien dan met het blote oog en dat heeft dan weer met vlinders en dode
mensen te maken. Er is dus meer aan de hand dan een ordinaire (en overigens
bloedeloze) slachtpartij. Dat u het effe weet.
Overigens
speelt Bert Visscher nog een rolletje als zot (hoe passend) en is er verder
nog sprake van een knappe prins die kan vliegen, de zoon van een vissersman
en een bijzonder smakelijke hofdame (Maike Meijer). En Shaffy speelt,
tot mijn stomme verbazing, erg goed. Geen zorgen: hij zingt niet.
Score: 8/10
Martijn Warnas