

Geloof me, ik houd best van een goede tekenfilm. Voor Beauty & The Beast
of Aladdin voel ik me echt niet te volwassen. Vooral de muziek bij zulke
films mag ik graag horen, bijvoorbeeld in de auto. Dus toen Warner Brothers
aan kwam zetten met 'The King and I', gebaseerd op de beroemde musical
van Rodgers en Hammerstein, vond ik dat het beste idee sinds voorgesneden
brood.
Voor ik de film zag, keek ik even bij de Internet Movie Database naar
het gemiddelde cijfer en dat was een 3,4. "Waarschijnlijk gegeven door
cynische volwassenen," dacht ik nog. "Ik ga onbevangen naar die film toe,
wat ze ook zeggen."
Nu is het best moeilijk om als volwassene een film te beoordelen die is
bedoeld voor kinderen. Kinderen hebben nu eenmaal geen smaak. Het begint
met het aanbidden van de Power Rangers (ach, ik was vroeger zelf dol op
de Transformers) en het eindigt met het doodschoppen van iedere leeftijdsgenoot
die het verkeerde merk schoenen draagt. Maar laten we voor de grap eens
aannemen dat kinderen interesse hebben in een goed verhaal, mooie muziek
en interessante karakters. Voor de grap, zei ik. Dan nog is The King and
I (of 'De Koning en Ik', aangezien ik de Nederlandstalige versie zag)
een werkelijk godgeklaagd slechte film... Het originele verhaal is niet
zozeer geweld aangedaan alswel een donkere steeg in gesleept en bruut
verkracht. Het is op zich niet erg om een musical voor volwassenen te
'verbouwen' voor een jong publiek, maar het eindresultaat is gewoon waardeloos.
Scenaristen
Peter Bakalian, Jacqueline Feather en David Seidler hebben heel goed gekeken
hoe Disney zoiets aanpakt, maar het resultaat is pure plagiaat. Zo zitten
er opeens allerlei schattige, hoogst intelligente dieren in het verhaal
(een aap, een olifantje en een zwarte panter, zodat MacDonalds straks
weer iets leuks bij zijn Happy Meal kan stoppen), duikt er een heuse boef
op (de broer van Jafar, zo te zien) in de vorm van de gemene eerste minister
Kralahome, compleet met 'side-kick' Kleine Meester (papagaai Iago, in
deze vergelijking). De running joke is dat Kleine Meester, een klein,
dik mannetje, telkens een tand verliest. Daarnaast maakt hij steeds quasi-bijdehante
opmerkingen. Er zat zowaar nog iemand in de zaal die daar om lachtte!
Die mevrouw moet ik zeker uitnodigen als ik ooit nog stand-up komiek wordt,
die lacht kennelijk echt om alles. Ook de tekenstijl is gejat van Disney.
Kijk maar eens naar het water, of de kop van die panter als hij zich omdraait,
waarna hij eerst verdrietig en dan blij kijkt. De koning is overigens
een directe tekenfilmversie van Yul Brunner (uit de TV-serie Anna en de
koning van Siam) al heeft Zijne Majesteit niet dezelfde naam. Allicht.
Als ik een tekenfilmserie in het Nederlands zou uitbrengen, zou ik de
naam Mongkut ook achterwege laten.
Misschien kwam het omdat ik de Nederlandse versie zag, maar ook de liedjes
waren vreselijk. De vertaling is best netjes, hoewel de stemmen veel te
weinig karakter hadden. Maar om de een of andere reden was de uiteindelijke
Nederlandse mixage van stemmen, speciale effecten en muziek zo beroerd (in technisch opzicht)
dat ik letterlijk ging zitten mokken als er gezongen werd. Ik zou de Engelstalige
versie moeten zien om het te vergelijken, maar dit was echt treurig.
Arnold Gelderman is niet onaardig als de stem van Kralahome (al hoor ik
bij zijn stem altijd de echo van de moppersmurf), Edward Reekers doet
de stem van de koning (en tegelijk een redelijke maar waarschijnlijk onbedoelde
imitatie van acteur Carol van Herwijnen) en Lucy de Lange als Anna...
wel, ze zingt zuiver. Laten we het daar maar bij laten.
Het
verhaal? Jongens, dat maakt geen moer meer uit. Maar voor de vorm: de
koning van Siam wil een lerares voor zijn kinderen en aangezien Anna nogal
een eigenwijs type is, gaat ze lijnrecht in tegen al zijn vragen en verzoeken.
Kortom, als je Anna ziet loopt ze te zeiken. Van een romance tussen die
twee merk je dan ook niet veel, maar in plaats daarvan gaat de kroonprins
met een dienstmeisje flirten. Verder dan handjes vasthouden komen ze niet,
maar ik vond dat op mijn 17e ook al heel wat, dus what the hell.
Het is erg makkelijk om in de zaal te zitten en andermans werk af te kraken.
Dat weet ik best. En je kunt er je beste, meest cynische grappen bij kwijt.
Geloof me als ik zeg dat het me daar niet om gaat.
Echt, ik zou graag willen dat dit weer zo'n tekenfilmklassieker was, maar
het is duidelijk dat alleen Disney dat genre beheerst. Warner Bros heeft
er een potje van gemaakt. Ik heb nog betere (zij het kortere) tekenfilms
gezien als introductie op een computerspel (Toonstruck bijvoorbeeld.)
Het kan slechter, dat wel. Ik denk dan aan die Tjechische versie van Tom
& Jerry. Of Ren & Stimpy. Maar op een schaal van 1 tot 10 met bovenaan
bijvoorbeeld The Lion King krijgt 'Als je begrijpt wat ik bedoel' een
8,5 en deze film een 3.
De film ziet er best mooi uit, al worden op sommige plaatsen schaamteloos
3D-objecten ingevoegd (en dat zie je), want dat scheelt weer tekenwerk.
Overigens heeft een hele zooi Koreanen het echte monnikkenwerk gedaan.
Dat levert wel een grappig lijstje namen op. Als ik de komma's weglaat,
weet jij vast niet waar de ene naam eindigt en de andere begint. Wedden?
Ok: Back Seung Gil Song Kyung Sin Lee June Hee Shin Mi Yin Moon Keun Yeon
Yang Young Ok Han Yu Ri. De truuk is dat naam uit 3 delen bestaat. Wat
heeft dit met films te maken? Niks. Het viel me gewoon op.
Als je kinderen echt niet te houden zijn, neem ze dan maar mee. Beter
nog: blijf zelf in de lobby zitten en neem een Donald Duck mee. Maar ik
zou er de voorwaarde aan verbinden dat ze zelf de kaartjes betalen. Dan
blijven ze tenminste de volle 87 minuten zitten.
Score: 3/10
Martijn Warnas