

Je zou toch zeggen dat een film met de titel Hulk (en niet The Hulk, the is er afgehaald) voornamelijk gaat over de avonturen van een grote, groene, ietwat simpele vandaal. Toch? Nou, bij deze film ligt dat wat anders. Deze film gaat eigenlijk over een jongen en een meisje, die allebei een eigenaardige band met hun respectievelijke vaders hebben. Die jongen is Bruce Banner, wiens vader ooit met zulke gevaarlijke uitvindingen bezig was dat zelf het leger er niks mee te maken wilde hebben! Het leger werd in dit geval overigens vertegenwoordig door de vader van het meisje in dit verhaal, de wetenschapster Betty Ross. (Ligt het aan mij of is Betty een rare naam voor een wetenschapster? Of is het heel normaal en hebben we hier de verklaring voor het feit dat Fred slechts een graafmachinebestuurder was maar toch in een huis woonde waar je van de keuken naar de voordeur minstens zestien ramen passeert?)
David Banner, vader van de aanstaande Hulk, ging bij gebrek aan budget voor proefdieren zijn genetische testjes maar op zichzelf uitvoeren. Helaas voor hem raakt zijn vrouw onverwacht zwanger, zodat zijn zoon ook een paar rare genetische eigenschappen krijgt. Niet dat-ie meteen groen wordt, overigens. Daar moet eerst nog een flinke dosis straling overheen. Daarom werkt Banner Jr. natuurlijk ook in een laboratorium. Als schoenverkoper loop je toch iets minder risico op een flinke opdonder met gammastraling.
Vader Banner (Nick Nolte) beseft wat voor monster hij heeft geschapen, maar verdwijnt een paar jaar achter de tralies. Ondertussen wordt zijn zoon geadopteerd en zo treedt de kleine Bruce (Eric Bana) zonder het te weten in de voetsporen van zijn vader, door zich ook op de gentechnologie te storten. En zo komt dus rond zijn 25e het moment dat hij een portie straling binnenkrijgt en voor het eerst in de Hulk verandert, waarbij hij mazzel heeft dat hij die dag een broek van stretch-stof heeft aangetrokken...
Zoals gezegd zijn de boze buien van de (geheel digitale) Hulk niet het belangrijkste element van deze film. Bruce scheurt dan ook pas na drie kwartier uit zijn hemd. En toch is dit een veel betere comicbookverfilming dan vergelijkbaar, recent materiaal. Ik denk dan aan het papierdunne X-Men (plus het zo mogelijk nog stommere vervolg), de uitermate saaie Daredevil en een iets te zoetsappige Spiderman. Dit is tenminste een echt verhaal, geen suffe kapstok.
Toch ben ik niet laaiend enthousiast over deze film, die (overigens net als alle eerdergenoemde films) geen greintje humor bevat. Bovendien zit regisseur Ang Lee de eerste drie kwartier gewoon te sarren, door vaak een groene waas te gebruiken en dan de camera op iemands ogen te richten. Dat belooft heel wat, maar uiteindelijk ziet die Hulk er uit of-ie uit een Kinderuberraschung is gehaald. En nee, ik zag niet die illegale kopie waarbij de Hulk nog niet af was. Misschien ben ik teveel gewend aan de kop van Lou Ferrigno, de bodybuilder die de Hulk in de TV-serie speelde, maar ik ben niet geheel zeker dat ik bij de persvoorstelling wel de definitieve versie heb gezien!
Ook valt de schade die hij aanricht nogal mee: ik ben bij studentenfeestjes geweest die erger uit de hand liepen. En heb je mijn vriendin wel eens achteruit zien inparkeren? Daarna knipper je echt niet meer met je ogen van een ontploffend laboratorium hoor. Niks tegen een goed achtergrondverhaal, maar als ik naar de Hulk ga wil ik taferelen zien waar verzekeraars ter plekke een lekke hartklep van krijgen, ja!
Toch krijgt Hulk een dikke voldoende, gewoon omdat het al met al toch redelijk spectaculair is en er een redelijk geslaagde poging wordt gedaan om een verhaal op niveau te vertellen. Dat ik persoonlijk in dit soort films graag wat humor zie, kan ik Hulk niet aanrekenen. Ik zou niet durven... Brave Hulk. Braaaaf! Hoe spreekt-ie dan?
Score: 7,5/10
Martijn Warnas