

Het uitgangspunt is simpel: een echtpaar dat heel hard werkt aan de materiële kant van de American Dream raakt opeens aan lager wal. Dick Harper (Jim Carey) lijkt aanvankelijk een geweldige carrièresprong te gaan maken na een promotie tot vice-president, maar juist terwijl hij zijn eerste TV-interview doet kelderen de aandelen van Globodyne. Dat is een niet zo subtiele verwijzing naar het Enron-schandaal uit 2001 en ook een beetje naar het einde van de dotcom-groeiperiode. Wat Globodyne precies doet is niet duidelijk, maar de waarde van de aandelen is duidelijk gebaseerd op gebakken lucht. Dat gold namelijk ook voor Enron, een bedrijf dat niets anders deed dan energie inkopen en het elders weer verkopen.
Dick en Jane zijn overigens helemaal geen nare mensen. Ze werken hard, dat moet gezegd. Iets te hard, misschien: de grasmat voor hun huis is geleased van een tuinbedrijf en hun zoontje brengt zoveel tijd door met de huishoudster dat hij beter is in Spaans dan in Engels.
Het is wat flauw om de details te verklappen, maar uiteindelijk zijn Dick en Jane dus werkeloos. Nieuwe baantjes op niveau zitten er niet in en zelfs ver onder hun niveau wil het niet lukken. Jim redt het precies één dag als 'begroeter' bij een supermarkt en Jane doet een poging om sportles te geven en geeft zich zelfs op als proefkonijn voor dermatologische testen. Ik snap persoonlijk alleen niet zo goed wat er leuk aan is om te zien hoe twee aardige, hoopopgeleide mensen hun uiterste best doen om fatsoenlijke baantjes te vinden en daarbij de lat noodgedwongen steeds lager leggen. Jim probeert het zelfs als dagloner: samen met een groep Mexicanen staat hij te wachten op schilderklusjes of ander werk.
De stap naar de criminaliteit wordt steeds kleiner en Dick gaat uiteindelijk op pad met een klappertjespistool. Jane gaat mee, puur om eens lekker te lachen. Ze gelooft namelijk niet dat haar man koelbloedig genoeg is om overvallen te plegen en daar kon ze nog wel eens gelijk in hebben!
Nu is de rampspoed van Dick en Jane voor een belangrijk deel te danken aan één man, Jack McCallister (Alec Baldwin, die tegenwoordig alleen nog maar dit soort rollen lijkt te spelen). Ik zeg voor een deel omdat ze natuurlijk ook hun financiën wat slimmer hadden kunnen regelen (met een werkeloosheidsverzekering en een meer gediversificeerde beleggingsportefeuille bijvoorbeeld) maar Hollywood doet niet aan zulke nuances. Jack is de boef en boontje komt natuurlijk om zijn loontje, met medewerking van een andere ex-directeur van Globodyne die op de hoogte is van Jacks geheime spaarpotje. Het slot van deze film is dan ook een mooi stukje slapstick in een bank, waar allerlei stempels gezet moeten worden op allerlei papieren. Dat klinkt saai, maar het zit degelijk in elkaar en op dat moment blijken Carey en Leoni een uitstekend duo te zijn en mag Jim zich eindelijk een beetje gaan uitleven met gekke bekken en rare stuntjes.
Als lachfilm stelt Fun With Dick And Jane nogal teleur, al is dat waarschijnlijk anders op een Zaterdagavond met een ploegje vrienden en een volle zaal. Jim Carey is eigenlijk niet op zijn best als (al dan niet brave) huisvader: daar hoort gewoon een flinke laag make-up over, zoals in The Grinch of The Mask. Téa Leoni is een prima actrice die zo langzamerhand eens een fatsoenlijke hoofdrol verdient in plaats van altijd maar tweede viool te spelen - deze keer viel ze zelfs in voor Cameron Diaz, die op het laatste moment niet beschikbaar bleek voor deze productie.
Fun With Dick And Jane moet het hebben van leedvermaak en wie anders dan Amerikanen kunnen smakelijk lachen om werklozen? Afgezien daarvan is dit helemaal niet onaardig voor in het vliegtuig of als je alleen maar naar de bioscoop gaat om hand in hand te kunnen zitten.
Aan het eind van de film worden, nog voor de reguliere aftiteling, de CEO's van bedrijven als Enron, Worldcom en Tyco bedankt, de zakkenvullers die een bedrijf lieten groeien door boekhoudkundige truuks en die uiteindelijk tienduizenden mensen hun spaargeld en pensioen hebben gekost terwijl ze zelf nog steeds multimiljonair waren. Zij leverden namelijk de 'inspiratie' voor het verhaal van Globodyne en zijn directeur Jack McAllister. Weet je, daar had nou eens iemand een film met Jim Carey over moeten maken...
Cijfer: 6/10
Martijn Warnas