

Kijk, ik houd dus niet van griezelen. Best onhandig voor een filmcriticus. Soms trek ik dan een grens, bijvoorbeeld bij Hannibal. Maar het hoort er nu eenmaal bij en ik snap ook wel dat het lastig griezelen is als mensen hooguit een gebroken rib oplopen. Af en toe moet er wat met lijken gesold worden, want je kunt met suggestie een hoop bereiken maar dat truukje blijft niet werken.
Het is dus mijn smaak niet maar dit gezegd hebbende zal ik het Brotherhood Of The Wolf dan ook verder niet aanrekenen.
Frankrijk, in het jaar 1766. Het dorpje Gévaudan wordt geteisterd door moordenaar die het voorzien heeft op vrouwen en kinderen. (Heel het dorpje? - Ed.) Er gaan geruchten over een monster dat zich in de bossen verschuilt. Kapitein Duhamel probeert van alles om het beest te vangen. Zijn soldaten lopen zelfs in vrouwenkleren rond. Helaas heeft dat allemaal geen effect. Er worden ook veel wolvenklemmen gezet, maar die vangen voornamelijk boeren.
Ridder Grégoire de Fronsac wordt door de koning Lodewijk XV naar het dorpje gestuurd omdat hij een bekwaam bioloog en taxidermist is. Zodra het monster gevangen is, moet hij het opzetten en naar Parijs brengen.
De Fronsac is overigens wel ridder, maar hij draagt geen harnas. Het is een soort eretitel. Hij is meer een wetenschapper, die onder meer in Canada onderzoek heeft gedaan. Daar leerde hij de indiaan Mani kennen en sindsdien is het tweetal onafscheidelijk. Nee, niet zoals je denkt. Ze gaan ook gezellig samen naar de hoeren. Mani is trouwens een uitstekende vechtersbaas en dat komt van pas want er wordt wat afgeknokt in deze film.
Als op een dag de zoveelste dode vrouw wordt gevonden, treft de Fronsac bij het lijk een ijzeren nagel aan. Dat zet hem aan het denken: is dit wel een dier? Het wordt steeds duidelijker dat hier misschien meer achter zit dan een hongerige wolf, maar als het resultaat te lang uitblijft stuurt de koning, die het zo langzamerhand gênant gaat vinden dat zijn dienaren een simpele wolf zo lang zijn gang laten gaan, een nieuwe gezant: Beauterne (Johan Leysen) neemt de klus van Duhamel over. Ondertussen krijgt de Fronsac de opdracht zelf maar een monster in elkaar te zetten, zodat het lijkt alsof de koning krachtdadig heeft opgetreden.
Als toeschouwer zijn we de hoofdpersoon altijd ongeveer een kwartiertje voor. We weten dus al dingen die hij niet weet. De moorden worden ons ook uitgebreid getoond. Met name de doodsstrijd van de (altijd vrouwelijke) slachtoffers komt gedetailleerd in beeld. Is dat entertainment? Zegt u het maar. Verder is de film mooi aangekleed en erg sfeervol, al is die indiaan een wandelende vergaarbak van clichés: hij is mysterieus, wijs, vrijwel onoverwinnelijk en van het zwijgende soort. Maar verder wel een toffe gozer hoor, daar niet van.
Ik ben niet zo thuis in het genre, maar het leek mij allemaal vrij spannend. Het is ook niet allemaal moord en doodslag wat de klok slaat, dus er zijn een paar stukken in de film die ik met genoegen heb bekeken. Ze zouden er een softcore versie van moeten maken, zoals ook met pornofilms gebeu... schijnt te gebeuren.
Hoewel het verhaal, gebaseerd op een echte Franse legende, nergens een invalshoek toont die een kind van zes niet ziet aankomen is dat wat mij betreft geen reden om dit een slechte film te vinden. Bovendien pakt het aan het eind al met al toch anders uit dan je denkt, dus zo voorspelbaar is het nu ook weer niet. Niet iedere film hoeft Sixth Sense te evenaren, toch? Het monster (ja, er is een monster maar dat is vanaf het begin toch al duidelijk dus ik verpest nu echt niets) komt uit de Creature Shop van Jim Henson. Dat is toch weer eens een ander klusje voor die mensen. Kikkerogen op een groene handschoen plakken moet op den duur ook gaan vervelen. Wel, ze hebben zich uitgeleefd.
Wie wel houdt van een beetje griezelen zal zich hiermee prima vermaken.
Score: 7/10
Martijn Warnas